Inleidend gebed: “Mijn God, wie bent U voor mij?”
1:1

“Nu wil een mens u prijzen, een deeltje van uw schepping… en u zet hem aan daar vreugde in te vinden.

Want zo hebt u ons geschapen, gericht op u, en ons hart kent geen rust tot het rust vindt in u.”

Augustinus, A. (2009), Belijdenissen, Budel: DAMON, boek 1: 1, p.39

 

Wat kan ons hart onrustig zijn. Veel mensen ervaren een diepe onrust in hun leven. Ze vragen zich af of ‘dit het nu is’ in hun leven. Is er niet meer? Ze vragen zich af of ze wel doen wat ze ‘moeten’ doen in hun leven. Is de richting goed, zijn de keuzes die ze maken goed. Stellen ze wel de juiste prioriteiten?

Mensen vragen zich af wat hun ‘roeping’ is. Want men voelt wel aan dat als je je roeping volgt je een leven kunt hebben dat in balans is en dan kun je ook rust gaan ervaren in je hart. En dus vragen ze zich af waarvoor zij gemaakt zijn. Waarvoor zij in de wieg zijn gelegd. Wat is je ‘levensmissie’?

En het is waar dat je rust gaat vinden als je gaat leven volgens jouw missie, jouw roeping. Het probleem is dat veel mensen het ook lastig vinden om hun roeping, hun missie te vinden. Soms is het van jongs af aan duidelijk waarvoor iemand is gemaakt, maar vaak gaat er een zoektocht aan vooraf om te vinden wat bij je past en waarvoor je in de wieg bent gelegd. En dat komt vaak door de manier hoe we tegenwoordig in het leven staan. De manier waarop ons schoolsysteem in elkaar zit en de manier waarop we denken over opvoeden. We raken verwijderd van wat er in onze ziel leeft en leren rationeel na te denken over sommen, taal en geschiedenis. Ben je boos dan krijg je de boodschap dat je ‘je moet gedragen’ en ben je verdrietig leer je dat je ‘snel je tranen moet drogen’: “ssst…, niet huilen…, ssst”.

Het kost voor sommigen dus moeite om hun ‘roeping’ te vinden. Het is een zoektocht. Wel een heel belangrijke zoektocht! En dan is er ook nog de vraag of er één roeping is voor iedereen of dat je er ‘meer’ kunt hebben.

Ikzelf zie ‘roeping’, omdat ik nogal visueel ben ingesteld, als een ‘stamboom’ voor me. Er is één stamvader, één ‘hoofdroeping’ die voor ons allemaal geldt en vervolgens vertakt zich dat in kinderen en ‘nageslachten’ van deze ‘stamvader’.

Augustinus begint zijn Belijdenissen met een inleiding waarin hij die ‘hoofdroeping’ verwoord:
“Want zo hebt u ons geschapen, gericht op u, en ons hart kent geen rust tot het rust vindt in u”.

God te prijzen is waarvoor wij hier op aarde zijn, in eerste instantie!
God heeft de hele aarde geschapen met alles wat er leeft en hij schiep ook iets dat ‘naar zijn evenbeeld’ was. Iets dat op hem leek en wat de ‘heerschappij over de aarde’ kreeg. Hij schiep iets, naar zijn gelijkenis, dat alles wat hij daarvoor had geschapen in goede banen kon leiden. We werden rentmeesters van zijn schepping.

In Genesis zegt God: “laat Ons mensen maken, naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; en dat zij de heerschappij hebben over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over het vee, en over de gehele aarde, en over al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt…. En God zegende hen, en God zeide tot hen: Weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt, en vervult de aarde, en onderwerpt haar…” Genesis 1: 26-28

En hoe slecht hebben wij deze taak als rentmeesters uitgevoerd! De wereld gaat kapot en ten onder. Er is armoede, leed, rampen en oorlog. Ondanks dat we gemaakt zijn naar zijn evenbeeld is het ons niet gelukt goede rentmeesters te zijn. Het enige dat overblijft, naast ons rentmeesterschap ondanks alles toch nog zo goed mogelijk uit te voeren, is God te prijzen voor zijn grote goedheid en genade dat Hij zijn schepping niet laat vallen! God prijzen dat Hij, ondanks het zooitje dat wij ervan maken, alles nog zoveel mogelijk ten goede keert en genade schenkt. Dat hij de rommel waar mogelijk achter ons opruimt.

Door ons eigen slechte rentmeesterschap is het soms lastig om te zien dat er ook mooie dingen te zien zijn waar we dankbaar voor mogen zijn. We zien vaak vooral wat er niet goed gaat. We zien de rampen in de natuur, vaak veroorzaakt door menselijk handelen dat het hele milieu overhoop heeft gehaald, we zien oorlogen die gestart worden door machtsbeluste mensen, we zien dodelijke ongelukken die veroorzaakt worden door mensen die besloten drank en drugs te gebruiken of veel te hard te rijden. En we vragen ons af of er nog wel iets te prijzen is aan God, terwijl we vergeten dat het niet Gods hand was, maar ons eigen slechte rentmeesterschap.

Maar gelukkig…, er zijn toch veel mensen die wel zien dat God geen hand heeft in al deze gebeurtenissen en die God nog steeds kunnen prijzen, zoals God het bij onze schepping heeft bedoeld.

Tegelijk zijn er ook moeilijker zaken waarin het nog ingewikkelder is om God te blijven prijzen in alles. Er zijn gebeurtenissen die ons overkomen waarin we, menselijkerwijs, niet kunnen zien hoe dat te maken heeft met ons eigen slechte rentmeesterschap. Neem bijvoorbeeld ziekte. Het overkomt je, maar je hebt er geen schuld aan. Niemand heeft er schuld aan.

Ziekte, het is iets dat bij het leven hoort. God heeft ons perfect geschapen, maar toen wij ervoor kozen om niet dichtbij Hem te blijven, maar onze eigen weg te gaan is die perfectie gebroken. Kleine foutjes in celdeling, in DNA mutaties en in ontwikkeling van cellen maken dat we allemaal een lichaam hebben dat gebreken kent. Het is niet onze schuld, maar het is een blijvende herinnering aan ons afdwalen van God. We worden er door deze gebrokenheid constant aan herinnert dat we geneigd zijn onze eigen weg te gaan en te weinig te vertrouwen op God en dichtbij Hem te blijven. Gebrokenheid brengt ons, mits we daarvoor openstaan, dichterbij God!

En dan kunnen we ondanks, bijvoorbeeld, ziekte toch weer God prijzen. Wij, een deeltje van Gods schepping, mogen God prijzen en God moedigt ons aan om dat vol vreugde te doen!

Veel mensen ervaren dat het moment waarop ze God gaan prijzen, hun hart aan God geven en hun roeping laten afhangen van wat God hen in hun hart fluistert ze rust gaan vinden. Zoals Augustinus schrijft: “ons hart kent geen rust tot het rust vindt in u”.

Niet iedereen beseft dat het God is die ze horen fluisteren in hun hart. Zij noemen het bijvoorbeeld hun diepste ‘zielsverlangen’ wat zij volgen. En daarom vind ik een andere uitspraak van Augustinus zo prachtig: “God is aan de ziel aanwezig”!
God is aan je ziel aanwezig. Als jij dus luistert naar je ziel, naar het verlangen in je ziel, naar de fluistering van je ziel, naar je intuïtie (wat de boodschap van je ziel is), dan luister je ten diepste naar de fluisteringen van God.

En in die fluisteringen kun je de generatie van jouw roeping ontdekken, vanuit het beeld van de stamboom. Er zijn, vanuit deze ‘stamvader’ van de roepingen (God te prijzen en rentmeester over de schepping te zijn) verschillende ‘kinderen’ die onze specifieke roeping omhelzen. En er zijn kinderen van die kinderen. Er zijn vele generaties van roepingen mogelijk, maar allemaal komen ze uiteindelijk voort uit die ‘stamvader’.

Welk verlangen heeft God in jouw ziel gelegd?
Heb jij een verlangen dat past bij het ‘kind’ gastvrijheid? En welke generatie van gastvrijheid past dan bij jou? Gastvrijheid in je werk? Gastvrijheid thuis? Gastvrijheid naar je buren? Of Gastvrijheid naar dak- en thuislozen?

Of heb jij een verlangen dat ast bij het ‘kind’ helpen? En welke generatie van helpen past dan bij jou? Je baas ondersteunen door de administratie voor hem te doen? Helpen door de verpleging in te gaan? Of helpen door je het huishouden te doen en te koken voor je gezin?

Ieder mens heeft zo zijn/ haar eigen roeping, passend bij het verlangen dat God in je hart legt, de talenten die je kreeg en de eigenschappen die je hebt gekregen.

Hoe vind jij jouw roeping?

  1. Waar verlang jij naar, diep in je hart en je ziel?
  2. Van welke activiteiten in je leven wordt jij het meest gelukkig?
  3. Welke talenten heb jij?
  4. Welke eigenschappen (karakter) heb jij?
  5. Wat kan jouw lichaam aan?

De antwoorden op deze vragen helpen jou om de richting van jouw roeping te vinden.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *